vrijdag 25 september 2009
Alice in Wonderland
Niemand vertelde mij ooit dat mijn ouders vroeger in het verzet waren geweest, wat voor rol ze hadden gespeeld. Over oorlogspanningen, over eerste en tweede generatie verschijnselen. Iedereen zweeg en mocht zwijgen en vervolgens elkaar er het leven zuur mee maken. Het was zo oneerlijk, zo bekrompen vond ik. Dus vertelde ik aan iedereen die het wilde horen dat ik in therapie was. Het moest duidelijk zijn, dat het verleden geen plaats had in mijn leven en het resultaat was tenslotte, dat het in mijn voordeel werkte. Ik werd een ontspannen en vrolijk mens. De sombere families liet ik achter mij. Heel vaak kreeg ik het argument, dat je zelf je problemen blijkbaar niet kunt oplossen, als je in therapie gaat. Hierop vroeg ik dan aan degene die dat zei, wat hij deed als hij kiespijn had? Zijn eigen kiezen trekken? Of naar de tandarts gaan? Dan kreeg ik geen antwoord. Ik geloofde zulke mensen helemaal niet. Ik wist intussen dat het moeilijk is dergelijke spanningen te traceren, maar ik had het snel in de gaten. Er was meer aan de hand geweest in dat gezin. Dat vastklampen aan elkaar was ook niet goed. Wie zelfstandig wilde zijn, hoefde niet voortdurend andere familieleden te gebruiken, spanningen in stand te houden en kritiekloos het slechte communcatieve gedrag van mijn ouders over te nemen,daar bedankte ik ook voor. Als ik iemand leuk vond, zou ik dat niet via een band te laten horen. Dat kon ik zelf wel zeggen. Met alle gevolgen van dien.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten